Daad en moraal

Nu we in het vorige hoofdstuk het begrippenpaar wil en verantwoordelijkheid hebben ontmaskerd als een dwaalspoor, is het tijd voor een pas op de plaats. We moeten even goed kijken waar we nou eigenlijk staan en ons gedegen heroriënteren. 

Maar daarbij hoeven we heus niet alles overboord te gooien wat we op dat dwaalspoor hebben ontdekt. Terugkijkend kunnen we zelfs stellen dat we ons vooral met de wil hebben bezig gehouden omdat er mensen zijn die op basis van hun denken over de wil twijfelen aan de verantwoordelijkheid. Aangezien zij de schijn mee hadden, moesten we eerst aantonen dat zij ongelijk hebben, voor we verder zouden kunnen gaan. Precies dat hebben we gedaan. Met het uitlopen van het dwaalspoor hebben we dus een barrière opgeheven en meer helderheid gekregen. 

Maar daarbij hoeven we heus niet alles overboord te gooien wat we op dat dwaalspoor hebben ontdekt. Terugkijkend kunnen we zelfs stellen dat we ons vooral met de wil hebben bezig gehouden omdat er mensen zijn die op basis van hun denken over de wil twijfelen aan de verantwoordelijkheid. Aangezien zij de schijn mee hadden, moesten we eerst aantonen dat zij ongelijk hebben, voor we verder zouden kunnen gaan. Precies dat hebben we gedaan. Met het uitlopen van het dwaalspoor hebben we dus een barrière opgeheven en meer helderheid gekregen. 

Lees verder
Geplaatst in Ontsnappen aan het atheïsme | Tags: , , , , , | Een reactie plaatsen

Verantwoordelijkheid en de vrije wil

tragisch en komisch masker

Nu we kunnen beschrijven hoe we tegenover anderen in de morele ruimte staan door gebruik te maken van het woord ‘persoon’, is het tijd om een belangrijk, zo niet hét belangrijkste element in die morele ruimte te onderzoeken: de verantwoordelijkheid. Zonder die verantwoordelijkheid zou de ruimte tussen personen geen morele ruimte kunnen heten. Zonder verantwoordelijkheid is er helemaal geen moraal mogelijk omdat verantwoordelijk houden en verantwoordelijk voelen die moraal juist schept. Je zou zelfs kunnen zeggen dat de samenleving erin bestaat dat we elkaar en onszelf verantwoordelijk houden voor wat we doen. Zonder dat zou het een langs elkaar heen leven zijn.

De moraal ontstaat in de samenleving, in samenspraak van persoon tot persoon. De morele conditionering groeit dan ook al vanaf je vroegste jeugd. Je wordt namelijk altijd, bij alles wat je doet, moreel beoordeeld. Die beoordelingen zitten in de kleinste non-verbale communicatie die onwillekeurig gegeven wordt. Het zit in de kleinste knik, fronsing, verbaasde blik, de glimlach, de schouderklop. We krijgen een kus, een knuffel, een standje, een oorvijg, ruzie en we belanden in een vechtpartij. We krijgen een hoog cijfer, een donderpreek, strafwerk, We worden geprezen, hebben een stevig gesprek, worden gepromoveerd of krijgen ontslag. Dit alles conditioneert ons moreel. Tegelijk leren we dat er grijze gebieden zijn, omdat wat je doet bij de een wordt gewaardeerd en bij de ander niet. Daarvan leren we dat het niet zozeer gaat om wat we doen, maar dat vooral de persoon tegenover je belangrijk is.

Het gaat bij moraal om de samenleving, en een van de makken in de discussie rond moraal is dan ook dat er al snel de nadruk wordt gelegd op misdaad en straf, schuld en boete. Altijd kijken we naar de extreme gevallen, zoals Raskolnikov die moedwillig een oude vrouw doodslaat. Maar dat is een uiterst geval op het gebied van de moraal. Die moraal speelt juist altijd en overal waar er mensen bij elkaar zijn. Je wordt altijd en overal ter verantwoording geroepen, dat zit nu eenmaal in de haarvaten van de samenleving. Steeds word je beoordeeld en steeds ook beoordeel jij anderen. Want dit proces is volkomen wederzijds. 

Die wederkerigheid is wat je tot een persoon maakt die deelneemt aan de morele samenleving. Je wordt ervan doordrongen dat je acties een effect hebben op anderen en dat die effecten zijn terug te leiden tot jou. Daardoor word je ervan doordrongen dat je rekening houdt met anderen in wat je doet. Tegelijk ontleen je aan die deelname aan de samenleving het recht dat anderen rekening houden met jou. 

Lees verder
Geplaatst in Ontsnappen aan het atheïsme | Een reactie plaatsen

Van persoon tot persoon

tragisch en komisch maskerVrijwel ieder van ons is zich zeer bewust van de morele ruimte tussen ons en andere personen. Die ruimte bepaalt voor een groot deel hoe we ons gedragen, wat we doen en wat we laten. Daarom lijkt het me van het grootste belang dat we die ruimte eens goed bekijken en onderzoeken. Maar we kunnen ons niet zomaar alleen met die ruimte bezighouden, want die ruimte wordt bepaald door de personen die we zijn. En dus moeten we eerst nauwkeurig vaststellen wat we hier precies bedoelen met het woord ‘persoon’. Want dat gebruiken we wel heel soepel en losjes. Het lijkt wel alsof we precies weten waarover we het hebben, alleen is het helemaal niet duidelijk wat het nou betekent om een persoon te zijn. Pas als we dat hebben gedefinieerd, kunnen we gaan onderzoeken hoe de morele ruimte tussen personen er uitziet.

Als eerste teen in het koude water van dit onderzoek neem ik mijn eigen intuïtie. Wat is een persoon in mijn eigen ervaringswereld? Die vraag is op het eerste gezicht simpel te beantwoorden. Personen, dat zijn de mensen om me heen. Zonder verder zoeken zou ik dus geneigd zijn om het plakkertje ‘persoon’ simpelweg op ieder mens te plakken die ik tegenkom. Dan zou ik lekker snel klaar zijn en hoefde ik me geen zorgen meer te maken. Bovendien zou ik met deze aanname geen totaal modderfiguur slaan, aangezien de woorden ‘persoon’ en ‘mens’ in het normale leven zorgeloos door elkaar worden gebruikt.

Lees verder

Geplaatst in Ontsnappen aan het atheïsme, Persoon | Tags: | Een reactie plaatsen

Het oordeel

Er heeft al iemand voor de lego gekozen en een ander heeft een speelgoedzwaard, dus ga ik opnieuw naar de opslag, waar ik een plastic shotgun vind. Dat zal voldoen in de praatgroep waarin van me wordt verwacht dat ik aan de hand van een stukje speelgoed het gesprek aanzwengel over hoe kinderen tot geweld worden aangezet.

Dat geweertje voelt goed in mijn handen, al is het wat te klein en te licht. Ik probeer het door te laden, zoals ik het mensen in de film altijd zie doen, maar dat werkt alleen in mijn fantasie. Dan ga ik zitten naast een man met wie ik direct in gesprek blijk te zijn over een film die hij heeft gemaakt en over de acteur die daarin de hoofdrol vertolkte. Hij betwijfelt of die man wel echt zijn allerbest heeft gedaan. Ik denk dat hij een grapje maakt, waarop ik vrolijk benadruk dat het een briljante rol is geweest die op geen enkele manier beter had kunnen uitpakken. Het is toch immers een klassieker en ik houd van de film!

Maar de man lacht niet, waaruit blijkt dat ik een inschattingsfout heb gemaakt. Direct verander ik van tactiek en word bloedserieus, om hem ervan te overtuigen dat ik hem niet in de maling wil nemen. Ik sta open voor alle meningen en ben gewoon benieuwd wat hier precies aan de hand is. Waarop hij me vertelt dat de acteur de rol heel anders heeft ingevuld dan de bedoeling was en dat de film beter was geweest als hij naar hem, de regisseur, had geluisterd. 

Lees verder

Geplaatst in Spreuken en sproken van alledag | Een reactie plaatsen

Geen kunst of kunst, dat is geen vraag

banaan

Maurizo Cattelans Comedian. Foto Cattelan en Perrotin Galleries

Dat is toch geen kunst!, roept mijn collega bijna verontwaardigd. Natuurlijk is dat kunst, vertel ik hem. Als dat kunst is, dan is dat plankje aan de muur ook kunst! Dan is die kerstboom achter jou ook kunst! Ik hoef niet om te kijken naar het afzichtelijk witte ding met gekleurde lampjes om te weten dat het niet in de verste verte kunst is, maar ik geef hem wel gelijk. Dat kan ook kunst worden, als jij er iets mee doet wat het tot kunst maakt. Dat vindt hij flauw.

Ik ben onverwacht en onvoorbereid terechtgekomen in een discussie over het getapete bananenkunstwerk Comedian van Maurizo Cattelan, een werk dat ik verder niet ken en waar ik alleen van weet doordat ik koppen heb gesneld die repten over een banaan van 120.000 dollar die is opgegeten. Maar de discussie zelf is voor mij niet de eerste in zijn soort. Een jaar of vijftien geleden had ik ongeveer hetzelfde twistgesprek met een andere collega over de tot kunst verheven pispot Fontaine, een van mijn favoriete werken (onverschillig of Marcel Duchamp het nu gejat heeft van Barones Elsa von Freytag-Loringhoven of niet). Mijn toenmalig collega kon ik niet overtuigen en ook nu weer voel ik te veel weerstand tegen het concept van het objet trouvé.

Lees verder

Geplaatst in Spreuken en sproken van alledag | Een reactie plaatsen