Loopmaat voor één dag

Zondag 4 februari. Wedstrijd over 25 km. Nog 77 dagen tot de marathon van Londen

Start Asselronde 2018Al na vijf kilometer verlies ik mijn loopmaat van vandaag. Robert-Jan moet afhaken met een blessure aan zijn enkel. Daar had hij al over verteld in het startvak. Bijna was hij niet eens gekomen vanwege een paar pijntjes, één in de kuit en een ander in de enkel. En na vijf kilometer blijkt dus dat hij vandaag inderdaad beter thuis was gebleven.

Gelukkig vind ik na ongeveer 15 kilometer een nieuwe partner. Die komt me voorbij als de laatste klim is begonnen en we de wind ineens pal tegen hebben. Daar krijgt iedereen het moeilijk, en dan ligt het er maar aan hoe je je pijn kunt verbijten.

Zojuist heb ik al twee Menzis-jongens opgeraapt. Die waren me rond de 12 kilometer voorbij komen draven in het kielzog van een aantal politielopers, die ik nu in de verte nog zie lopen. Maar ook ik heb het nu moeilijk in mijn eentje. En juist dan komt hij voorbij. Als hij op gelijke hoogte komt steek ik nog mijn duim omhoog, als teken dat ik zijn tempo bewonder en dat hij vooral zo door moet gaan. Maar ik blijk te kunnen aanhaken, waarbij het me heel goed van pas komt dat ik in de afgelopen weken het vaartspel heb gespeeld. Even niet je eigen tempo lopen, maar aanzetten.

Samen rennen we naar boven en houden we de snelheid er redelijk in. Vanuit het achterveld komt nog een loper ons versterken, maar die blijft voornamelijk achter ons rennen. Eenmaal bovenop de berg, zo rond de 18 kilometer, lijkt mijn kompaan het even moeilijk te hebben. Zelf zet ik vol goede moed de pas er in, waardoor ik een gaatje sla. Maar ik moedig hem aan: “Kom op, vanaf hier is het alleen nog naar beneden!” Hij heeft me naar boven gesleurd met zijn krachtige passen, dus ik ben niet van plan hem hier achter te laten. Hij reageert op mijn roepen en haalt me weer bij. Hij komt zelfs voor me lopen. De andere loper kan het gaatje niet overbruggen en we zijn weer alleen.

Door het tempo dat we aanhouden komt het politiegroepje steeds dichterbij. We maken zelfs de aansluiting, en op dat moment lijkt het er even op dat mijn loopmaat de luwte van het groepje wel fijn vindt en zich er in wil nestelen. Zelf loop ik naar de kop, waar ik hoor hoe moeilijk ze het er hebben. “Nee, dit gaat te snel”, hoor ik al snel. Ze laten lopen en ik ben weer in mijn eentje. En in mijn eentje krijg ik het opnieuw zwaar.

Maar gelukkig meldt mijn medestander zich al snel. Hij heeft de politie gelaten voor wat die is en we denderen naar beneden, waarbij we het ene groepje na het andere oprollen. Sommigen proberen in onze slipstream mee te gaan, waardoor we af en toe de kop vormen van een wat groter groepje. Maar uiteindelijk blijven we opnieuw alleen over.

Op de laatste driehonderd meter, als we de streep al zien liggen, moet ik hem een paar meter geven. Maar we hebben er een mooie loop op zitten, en daar feliciteren we elkaar na de finish hartelijk mee.

Precies dit soort onverwachte gebeurtenissen zorgen ervoor dat het steeds weer spannend is om naar wedstrijden te gaan. En als ik thuis kom ligt er ook nog een kater op de bank. Het kan niet mooier.

Dit bericht werd geplaatst in Als ik over rennen schrijf, De weg naar Londen 2018 en getagged met , , , . Maak dit favoriet permalink.

Een reactie op Loopmaat voor één dag

  1. William de Wilde zegt:

    Wauw, de adrenaline stroomt weer door mijn aderen. Je verslag doet onze finale weer herbeleven Sander!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s