Over de rand van wat we kunnen

Zaterdag 17 februari. Even er tussenuit. Nog 64 dagen tot de marathon van Londen.

SpretturWe scheuren over de baan, Sprettur en ik. Nog nooit heb ik hem zo hard laten tölten, terwijl zijn takt toch zo goed blijft. Want daar gaat het om bij tölt, om takt. Tölt is een viertaktgang. Tussen elke pas zit een gelijke tijdsduur. Takketakketakketakketakke, gaat het.

Door de oefeningen die we zojuist samen met Siggi Mar hebben gedaan zit het paard vol energie. Zelf zet ik tegelijkertijd mijn schroom overboord en zo worden we samen tot het uiterste gedreven.

Ik ben vaak te voorzichtig, heb ik van Siggi te horen gekregen. En inderdaad behoud ik het liefst de controle. Dat zit in mijn aard, terwijl ik soms ook gewoon op mijn paard moet vertrouwen. Als ik weet wat ik van hem wil, mag ik best iets méér van hem vragen. Dat wil Sprettur dan heus wel voor me doen. Alleen zo kunnen we steeds beter vorm geven aan ons team.

En dus versnellen we. In de bochten probeer ik hem met al mijn hulpen – benen, buik, teugel, spanning – in te houden, maar op de rechte stukken knallen we vooruit. zonder enige terughoudendheid. En dat geeft een geweldig gevoel, een gevoel van energie, snelheid en eenheid.

Vorig jaar had ik nog nauwelijks iets aan de lessen van Siggi. Het was wel gezellig en je bent toch een dagje lekker met je paard bezig. Maar de oefeningen begreep ik vaak niet helemaal. Bovendien kon ik Sprettur toen nog maar nauwelijks in de juiste gang houden en soms ging hij er gewoon met me vandoor. Of hij vloog uit de bocht als hij daar zin in had, met zijn eigenwijze hoofd.

Maar intussen is Sprettur sterker geworden door alles wat Miriam met hem doet. Daarnaast ben ik me veel meer bewust van hoe ik op een paard moet zitten en hoe ik met hem moet communiceren. Dat heb ik voor het grootste gedeelte weer geleerd van mijn andere lerares, Wendy, die me door het seizoen heen regelmatig les geeft in de aftandse bak die we bij onze wei hebben liggen.

En nu begint alles in elkaar te grijpen. Daardoor heeft Siggi ineens iets om mee te werken. Dus drijft hij ons over de rand van wat we al kunnen en laat hij ons nieuwe dingen zien, net als de vorige keer.

Daarbij is het frappant om op te merken dat ik dit nooit zo had kunnen doen als ik niet intensief was gaan hardlopen. Door dat hardlopen ken ik elk spiertje in mijn lijf en hoef ik niet heel erg na te denken over hoe ik de ene aanspan en de andere loslaat.

Doordat ik daar niet over hoef na te denken kan ik me veel meer richten op wat die spieren als collectief moeten uitstralen. En daardoor kan ik veel meer op gevoel paardrijden dan ik anders ooit gekund zou hebben. En paardrijden is één en al gevoel. Als je het met je verstand probeert te doen ben je altijd te laat. Met je verstand zet je misschien de grote lijnen uit, maar als het erop aankomt moet je lichaam het opknappen.

Maar ook mentaal is het een wisselwerking. Zo komt het vertrouwen dat ik donderdag heb ontdekt op een heel nieuwe manier terug terwijl ik met Sprettur over de baan race. Laat maar gaan, zo besluit ik helemaal tegen mijn aard in. Dat gaat wel goed. Dan kan ik me ondertussen bezig houden met de vorm.

En ongetwijfeld neem ik het vertrouwen dat ik vandaag opdoe weer terug mee naar het rennen op twee benen. En zo heb ik dan wel een dagje vrij van mijn marathontraining, maar ook hier word ik sterker van en het brengt me dichter bij mijn doel.

Dit bericht werd geplaatst in Als ik over rennen schrijf, De weg naar Londen 2018. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s