Vol aan de bak

Dinsdag 6 maart. Loopgroeptraining. Nog 47 dagen tot de marathon van Londen.

Tempo 6-3Je hebt dagen dat we het wat rustiger aan mogen doen bij de dinsdagavondtrainingen. Maar je hebt ook avonden dat we vol aan de bak moeten van Geurt. En het vermoeden bestond al dat de training van vanavond in die laatste categorie zou gaan vallen. Want de afgelopen weken hebben we vanwege de kou niet op hoge snelheid getraind, en nu de temperatuur wat is opgelopen zullen we dat moeten inhalen.

Het begint al als Geurt zijn elastieken tevoorschijn haalt. Die moeten we om onze voorvoeten doen, waarna we er brede passen mee moeten maken, spreidsprongen, één been omhoog in stevige stand. Dat zijn oefeningen die we morgen gaan voelen.

Intussen komt Wijnand bij me staan om de plannen voor de CPC-loop van zondag door te nemen. Hij heeft namelijk ook een startbewijs gekregen en dus kunnen we hem samen lopen. Zijn ambitie is alleen wat scherper dan die van mij. Hij wil graag onder de 1:20 duiken, wat mij nog even te hoog gegrepen lijkt. Maar als we elkaar tijdens de wedstrijd willen helpen, zullen we allebei voortvarend van start moeten gaan, anders haalt hij het nooit.

Even houd ik de boot af en laat het voorstel op me inwerken. Maar terwijl we vreemde en zware passen maken met die elastieken om onze voeten, bedenk ik me dat ik helemaal niets te verliezen heb. Ik heb alleen maar te winnen. En wat maakt het uit als ik ergens onderweg moet lossen, dan heb ik het in ieder geval geprobeerd. Dus die ambitie is nu afgesproken.

Vervolgens mogen we een paar keer enkele tientallen seconden heel snel op de plaats rennen met dat elastiek als verzwarende factor, om daarna direct evenzoveel seconden te sprinten. Dat geeft opnieuw aan wat Geurt vandaag van plan is. Want de twee onderdelen, de oefeningen en het loopgedeelte, sluiten meestal naadloos op elkaar aan.

We verhuizen inderdaad naar de Prins Clausbrug, waar we getrakteerd worden op allerlei combinaties van traplopen in een hoog ritme met hoge knieën en in hoog tempo omhoog de brug op rennen, continu aangemoedigd door Geurt die wil dat we tot het laatste toe dóór blijven gaan. Dit behoort tot de zwaarste oefeningen die we kennen.

En als toetje mogen we dan ook nog eens achthonderd meter flink hardlopen. ‘Ergens tussen sub-maximaal en maximaal in’, wat effectief natuurlijk gewoon maximaal betekent.

En alleen de snelste jongens van de groep zijn komen opdagen. Wijnand, Koen, Luuk, Robert-Jan en Joop, dus er is geen mogelijkheid je een keer in een tweede groep te verstoppen. Het is aanhaken of achterblijven. En dat is natuurlijk heerlijk trainen. Voor die inspanning kom ik naar deze sessies.

Voor dat, en natuurlijk voor advies van Geurt. Die raadt me aan om deze week het volume wat terug te schroeven om me optimaal voor te bereiden op de halve marathon van zondag. Morgen heb ik een rustdag, donderdag geen 12 keer één kilometer maar 15 keer 200 meter. En dan vrijdag nog 40 minuten lekker rustig rennen. Meer niet.

Hij heeft er vertrouwen in, zegt hij. Laat ik hem daar dan ook maar in volgen.

Geplaatst in Als ik over rennen schrijf, De weg naar Londen 2018 | Plaats een reactie

Helemaal perfect

Maandag 5 maart. Vaartspel. Nog 48 dagen tot de marathon van Londen.

Tempo 5-3Ik weet intussen heus wel dat het weer nu even uit een ander vaatje tapt, maar ik ben er nog steeds niet helemaal op voorbereid als ik in rentenue de deur uit stap. Het is dan ook een heerlijke verrassing dat ik geen enkele moeite hoef te doen om warm te blijven terwijl ik wacht tot mijn horloge genoeg satellieten bij elkaar heeft gezocht voor een goede plaatsbepaling. De afgelopen weken stond ik daarbij steeds te kleumen met mijn rug in de wind. Nu kan ik me rustig voorbereiden op het vaartspel.

Daar begin ik heel voorzichtig mee, want ik wil niets forceren na de dertig kilometer van gisteren. Maar mijn eerste versnelling gaat me zo makkelijk af dat ik niet alle vaart laat varen als ik terugneem. Het basistempo gaat een stuk omhoog.

En terwijl ik zo lekker loop dringt het pas echt goed tot me door wat voor perfect weer het is. Het waait nauwelijks, dus vormt de wind nauwelijks een obstakel als ik hem tegen krijg. De temperatuur is aangenaam, zodat mijn spieren lekker soepel aanvoelen. Maar het is ook koel genoeg, waardoor ik mijn overtollige warmte makkelijk kwijt kan.

Wat is het heerlijk om in deze omstandigheden te lopen. Als dit toch eens het weer zou kunnen zijn wat we hebben als we in Londen door de straten rennen! Hoe perfect zou dat zijn!

Maar 10 graden, niet te vochtig, weinig wind en ook nog een open lucht is te veel gevraagd, dat weet ik heus wel. In de tweede helft van april kan hier in Nederland de temperatuur al behoorlijk oplopen. En als het niet warm is, dan is het nat en winderig.

Of druilerig. En dat zou nog te prefereren boven de andere twee alternatieven. Als ik dan toch dit perfecte weer niet krijgen kan.

Verder leg ik me natuurlijk keurig neer bij wat de weergoden me maar voor de voeten zullen werpen op die dag in april. Het heeft weinig zin om me daar druk over te maken, aangezien het weer iets is waar ik geen enkele invloed op kan uitoefenen. Waarbij ik overigens wel wil aantekenen dat het weer omgekeerd juist een allesbepalende invloed heeft op mij, en dat voelt toch een heel klein beetje aan als onrecht.

Maar wie weet heb ik geluk en wordt het een dag als vandaag. Vandaag gaat het lekker. Vandaag vlieg ik over het asfalt. Vandaag voelt lopen heerlijk. Al begrijp ik zelfs vandaag niet waar ik komende zondag de kracht vandaan moet halen om onder de 1:22 te lopen op de halve marathon.

Geplaatst in Als ik over rennen schrijf, De weg naar Londen 2018 | Plaats een reactie

Even gewoon genieten

Zondag 4 maart. Utrechtse Heuvelrug Trail. Nog 49 dagen tot de marathon van Londen.

Utrechtse Heuvelrug TrailNa zo’n dag als gisteren moet je niet bij de pakken neerzitten, dat vind ik tenminste. En vanochtend besluit ik mezelf daarom eens goed te trakteren. Ik ga de Utrechtse Heuvelrug Trail lopen, die geweldig mooie route door bos en hei hier vlakbij. Dat is een soort vakantie van de wind, want als ik van Rhenen naar Driebergen loop heb ik de hele weg de wind in de rug.

Sowieso heb ik nog een trail tegoed, aangezien lopen door het bos over onverharde paden er afgelopen week in de Eifel nauwelijks van is gekomen. Dus is dit een uitgelezen kans om wat van die schade in te halen. En nu het ook nog lekker weer lijkt te worden, zijn alle ingrediënten aanwezig voor een heerlijke lange hardloopsessie.

Ik laat mijn muts en buff, de afgelopen weken standaard in mijn uitrusting, gewoon thuis. Dat blijkt een goede keuze, want als ik in Rhenen uit de trein stap is het er zowat warm. Binnen de drie kilometer moet ik zelfs al even stoppen om mijn jack uit te trekken. Dit ben ik niet meer gewend! Waar is die snerpende koude ineens gebleven?

Het lijkt verdorie wel lente! Het bos ruikt heerlijk, het gras geurt, de vogels fluiten, het zonnetjes schijnt, wandelaars zeggen massaal ‘Hoi’ en ‘Goedemiddag’, trailers die me tegemoet komen wensen me veel plezier, en in de tweede helft doe ik hetzelfde met de mensen die nog meer dan twintig kilometer moeten.

Dit is niet zomaar een traktatie, dit is pure verwennerij! Ik vind het gewoon jammer als de dertig kilometer erop zit en ik Station Driebergen Zeist in het vizier krijg.

Maar dan ben ik toch zowat drie uur bezig ben geweest. Bovendien begin ik stilletjes aan honger te krijgen en mijn water is bijna op. Tijd om terug te keren naar de echte wereld.

Geplaatst in Als ik over rennen schrijf, De weg naar Londen 2018 | Plaats een reactie

Nodig meer wedstrijden

Zaterdag 3 maart. Snelle duurloop. Nog 50 dagen tot de marathon van Londen.

Tempo 3-3Het is een ware verlossing als ik eindelijk mijn klokje mag stilzetten en niet meer hoef te rennen. Het afgelopen uur is een martelgang geweest en ik ben totaal gesloopt. Toch heb ik maar anderhalf uur op tempo gelopen. De laatste drie kilometer heb ik het daarna rustig aan gedaan.

Met de snelle duurloop die vandaag op het programma stond dacht ik een soort herkansing te krijgen voor de testloop. Ik had er speciaal een route voor uitgekozen waarbij de oostenwind vooral van de zijkant komt, zodat ik er zo min mogelijk last van zou krijgen.

Maar na zes kilometer, als ik de brug van Maarssen ben overgestoken en naar het zuidoosten loop, blijkt dat ik me heb misrekend. De wind heeft daar vrij spel en die speelt niet in mijn voordeel. En dat gaat zo nog zeker 12 kilometer door. De eerste kilometers neem ik mijn verlies als een vent en probeer gewoon goed te lopen. Maar langzaamaan breken de vlagen, die me bijna stilzetten, toch mijn moraal.

Van tevoren was ik zo optimistisch. Ik wilde in anderhalf uur tijd tegen de 23 kilometer lopen. In ieder geval wilde ik het beter doen dan mijn vorige halve marathon, die ik in januari heb gelopen. Als ik van die tijd een halve minuut zou kunnen afsnoepen, dan ben ik best tevreden, zo dacht ik gretig.

En ik begin ook keurig op schema. Niet te snel, zodat ik me niet opblaas. Maar al snel loop ik ongeveer het tempo dat ik bij de marathon ook wil aanhouden. Ik schat in dat ik dat tempo vandaag geen halve marathon zal volhouden, maar dat geeft niet. Er mogen best wat seconden per kilometer bovenop komen.

Maar met die wind komt er al snel een halve minuut per kilometer bij. En meer, tot wel en hele minuut. En zelfs als ik eindelijk opnieuw een brug ben overgestoken en minder last heb van de wind, kan ik het ritme niet meer vinden. De snelheid is helemaal uit mijn lichaam en ik krijg hem er met geen mogelijkheid meer in. In plaats van de glorieuze 23 kilometers in anderhalf uur worden het er een schamele twintig.

En dat doet het ergste vermoeden voor de City Pier City van volgende week. Daar wilde ik mijn persoonlijk record op de halve marathon van vorig jaar aanvallen en misschien zelfs onder de 1:22 duiken. Maar nu ik zit uit te puffen van de duurloop van net lijkt dat volkomen onmogelijk.

Ook daar wordt windkracht 4 voorspeld. En het parcours mag dan redelijk gunstig liggen ten opzichte van de windrichting, zeker als er wat beschutting is op de laatste vijf kilometer, maar na vandaag vertrouw ik mijn inschattingsvermogen niet meer zo erg als het op wind aankomt
.
Tijdens het douchen bedenk ik me nog dat ik in het laatste deel van mijn training veel meer wedstrijden moet gaan inplannen. Alleen wedstrijden kunnen me echt voorbereiden op een wedstrijd. Alleen bij wedstrijden doe ik het zelfvertrouwen op dat ik nodig heb voor een marathon in 2:55 of sneller. En zonder die wedstrijden krijgt dat zelfvertrouwen veel te makkelijk een knauw van een simpele training als die van vandaag.

Wat wedstrijden betreft maak ik volgende week alvast een mooi begin.

Geplaatst in Als ik over rennen schrijf, De weg naar Londen 2018 | Plaats een reactie

Langzaam versus snel

Vrijdag 2 maart. Korte duurloop. Nog 51 dagen tot de marathon van Londen.

Tempo 2-3De langzame duurloop met ‘viaducten’ is de perfecte gelegenheid om het verschil tussen langzaam en snel lopen aan een grondig onderzoek te onderwerpen. Er lijkt namelijk een groot verschil tussen de twee te bestaan, terwijl mijn verstand dat niet direct accepteert. Tijdens mijn snelle loop voelt het dan wel alsof alles op zijn plek valt, maar ik heb toch zeker niet het idee dat ik slordig loop als ik langzaam ga. Verre van zelfs.

En dat blijkt als ik rustig over het fietspad langs het kanaal ren. Ik schenk keurig aandacht aan mijn passen. Ik zorg ervoor dat mijn been ver genoeg naar voren zwaait, dat ik goed op mijn voorvoet neerkom, die veert door en terug. Mijn core is aangespannen en die brengt de kracht van mijn benen perfect over naar de rest van mijn lichaam. Mijn houding is juist, mijn passen regelmatig. Ik laat echt niet alles zomaar hangen en wapperen.

Maar ik voel ook de kleine onregelmatigheden, de kleine verstoringen, soms net eventjes uit het perfecte evenwicht, waardoor er steeds kleine, bijna onmerkbare correcties nodig zijn. En die zijn niet meer te bespeuren als ik op de Prins Clausbrug versnel. Snelheid brengt mijn lichaam in een natuurlijk evenwicht.

Als ik hard loop is er geen enkele aarzeling meer, geen enkele verstoring van het ritme, alles is aangespannen en in evenwicht. Wat dat betreft is lopen niet anders dan fietsen. Ook dat is makkelijker als je sneller gaat. En natuurlijk wist ik dat wel, maar het is goed om het nog eens goed aan den lijve te voelen.

Geplaatst in Als ik over rennen schrijf, De weg naar Londen 2018 | Plaats een reactie